Tumbling,
wat?
De
discipline tumbling karakteriseert zich door opeenvolgende snelle,
ritmische, roterende sprongbewegingen, uitgevoerd zonder aarzeling of
tussenstappen. zowel van handen op voeten als van voeten op handen.
Deze discipline wordt zowel door meisjes als door jongens
beoefend.
Het
is een buitengewoon
spectaculaire turndiscipline waarbij de gymnasten turnen op een verende
(glasvezel) baan van maar liefst 25 meter. De tumblers krijgen
bovendien nog een niet-verend aanloopstuk van minimum 10 meter dat nog
voor de springbaan ligt en een gestreepte landingszone van 6 meter
achter de baan.
Snelheid,
vormspanning, techniek en
souplesse zijn noodzakelijk waarvoor je als gymnast veel moed en durf
nodig hebt. Eens je vertrokken bent, is het immers moeilijk om plots te
stoppen.
Een
tumblingreeks is een
verbinding van meerdere voorwaartse, rugwaartse en zijwaartse
sprongelementen. De geturnde reeks moet een goede beheersing,
vormspanning, uitvoering en handhaving van tempo laten zien.
Een
oefeningenreeks binnen het A-niveau is opgebouwd uit 8 tumblingdelen
(rondat, temp-salto's, flikken, dubbele gestrekte salto's,...) en
eindigt steeds met een torenhoge eindsprong (bv. triple salto).
Tijdens
A-wedstrijden (niet op competities van B- en C-niveau!) springen de
tumblers in totaal 4 reeksen, twee in de voorronde en twee tijdens de
finale. Om aan de finale te mogen deelnemen moeten de springers in de
voorronde een minimum aantal punten behaald hebben. Om
geselecteerd te worden voor de federale wedstrijden moet ook een
voorgeschreven aantal punten behaald worden op de Provinciale en federale wedstrijden.